(Top) Sporters
Als je serieus sport, weet je hoe frustrerend het is als je lichaam niet meewerkt. Een knie die opspeelt na elke lange duurloop. Een schouder die blokkeert bij het drukken boven je hoofd. Of dat zeurende gevoel in je lies dat nooit echt weggaat, maar ook nooit erg genoeg is om te stoppen.
Ik ken dat van twee kanten. Als osteopaat, maar ook als fanatiek sporter: hardlopen, hybride en krachttraining zijn mij niet vreemd. Ik weet dus precies hoe het voelt om in een trainingsblok te zitten en te twijfelen of je doorgaat of remt.
Waarom een blessure zelden op één plek zit
Bij sportklachten is de plek die pijn doet vaak niet de plek waar het probleem begint. Een hardloopknie kan ontstaan doordat je heup of enkel te weinig beweegt. Een terugkerende hamstringklacht kan te maken hebben met de manier waarop je bekken en onderrug samenwerken. En een schouder die niet vrij beweegt, heeft soms meer met je rib- en nekbeweeglijkheid te maken dan met de schouder zelf.
Daarom kijk ik nooit alleen naar de klacht. Ik onderzoek hoe je hele lichaam beweegt en belast wordt, en zoek naar de plek waar de beweging vastloopt. Dat is meestal de reden dat een klacht steeds terugkomt, ook al heb je hem al eerder laten behandelen.
Waarmee sporters bij mij komen
-
Terugkerende blessures die na een paar weken rust weer opspelen
-
Hardloopklachten: knie, achillespees, kuit, hielspoor, shin splints
-
Lage rug- en bekkenklachten bij tillen, squats en deadlifts
-
Schouder- en nekklachten bij drukken, trekken en overhead werk
-
Liesklachten en heupproblemen
-
Een lichaam dat niet goed herstelt: slecht slapen, vermoeidheid, hoge hartslag, het gevoel "vol" te zitten
-
Prestaties die stagneren zonder duidelijke oorzaak
Hoe we het aanpakken
Ik begin met een uitgebreid gesprek over je klacht, je trainingsopbouw, je wedstrijddoelen en je herstel. Daarna onderzoek ik je bewegingsketen: gewrichten, spieren, bindweefsel en, waar relevant, ook je organen en ademhaling. Die hebben meer invloed op je romp en herstel dan veel sporters denken.
Waar nodig zet ik echografie in, zodat we kunnen kijken naar pezen, spieren en slijmbeurzen in plaats van te gokken. Dat maakt een verschil in de aanpak: een peesirritatie vraagt om een andere opbouw dan een spierscheurtje.
Vervolgens behandel ik met mijn handen en krijg je een plan mee: welke oefeningen, hoeveel belasting, en vooral wat je wél kunt blijven doen. Ik stop je niet zomaar op de bank. Waar het kan, passen we je training aan in plaats van hem stil te leggen. En als het slimmer is om samen te werken met je trainer, coach, fysiotherapeut of sportarts, dan doe ik dat.
Ook als je niet geblesseerd bent
Veel sporters komen preventief langs, bijvoorbeeld in de opbouw naar een wedstrijd of een marathon. Dan kijken we naar beperkingen in je beweeglijkheid voordat ze een blessure worden, en naar je herstelvermogen in een zware trainingsperiode.

